Beleggen & Investeren

Waarom je spaargeld elk jaar minder waard wordt

· 6 min leestijd

Veel Nederlanders hebben honderden of zelfs duizenden euro's op een spaarrekening staan. Dat voelt veilig, en dat klopt ook, tot op zekere hoogte. Maar veilig betekent niet hetzelfde als groeien. Als inflatie hoger is dan de rente die je krijgt, verlies je elk jaar koopkracht zonder dat je het doorhebt.

Precies dat speelt nu. De spaarrente bij de grote Nederlandse banken blijft achter bij de inflatie, en dat heeft direct effect op de waarde van wat je op de bank laat staan. Het gaat niet om rampscenario's of extreem beleid. Het is gewoon rekenen.

Wat reële rente eigenlijk is

De rente die je bank je betaalt, is de nominale rente. Wat je er daadwerkelijk mee verdient, is de reële rente: de nominale rente min de inflatie. Als ING of Rabobank 1,5% rente biedt en de inflatie op 2,8% staat, is je reële rente -1,3%.

Dat klinkt abstract, maar reken het door. Bij €20.000 op een spaarrekening verlies je per jaar ruim €260 aan koopkracht. Na vijf jaar is dat meer dan €1.300. Geen verlies op je bankafschrift, maar wel minder koopkracht elke keer dat je boodschappen doet, tankt of een rekening betaalt.

Veel mensen denken dat geld op de bank per definitie veilig staat. Dat klopt voor het bedrag zelf - je krijgt terug wat je inlegt, gegarandeerd tot €100.000 per bank. Maar de waarde van dat geld in de echte wereld slinkt stukje bij beetje als inflatie harder loopt dan de rente.

Hoe groot is het verschil in 2026?

De Europese Centrale Bank verlaagde de rente in 2025 meermaals om de economie te stimuleren. Grote banken namen die verlaging direct mee in hun spaarrentes, maar verhogen ze niet als de inflatie aantrekt. Daar zit het probleem.

De inflatie in Nederland bedroeg in april 2026 zo'n 2,8% volgens de meest recente CBS-cijfers. De grote banken bieden spaarders momenteel rentes tussen de 1,2% en 1,8%. Het gat is ruim een procentpunt, en dat lijkt weinig totdat je het over meerdere jaren doorrekent.

We schreven eerder al over het grote verschil in spaarrentes tussen banken - de conclusie was duidelijk: overstappen naar een kleinere aanbieder loont, ook al zijn de absolute bedragen bescheiden.

Kleine aanbieders doen het beter

Niet elke bank biedt hetzelfde. Kleinere en buitenlandse aanbieders die in Nederland actief zijn, bieden soms rentes tot 2,8% of meer. Dat is alsnog op of net onder inflatie, maar een stuk gunstiger dan wat de grote vier bieden.

Er zit wel een kanttekening aan. Veel hogere rentes zijn tijdelijk of gelden alleen voor nieuwe klanten. Na een welkomstperiode zakt de rente terug. Wie spaart bij een buitenlandse bank, valt bovendien onder een ander depositogarantiestelsel. De bescherming is er nog altijd, tot €100.000, maar het is goed om dit te weten voordat je overstapt.

Wat je alternatieven zijn

Als je de reële waarde van je geld wilt behouden of laten groeien, zijn er alternatieven. Elk heeft andere kenmerken en past bij andere situaties.

  • Staatsobligaties zijn veilig en geven momenteel rentes van 3% tot 4%. Je geld staat voor een bepaalde periode vast, maar het rendement overtreft de spaarrente bij de meeste banken ruimschoots.
  • ETF's op brede aandelenindexen hebben historisch gezien een gemiddeld rendement van 7% tot 8% per jaar. Er zit kortetermijnvolatiliteit in, maar over langere perioden vlakt dat uit.
  • Deposito's met vaste looptijd bieden soms hogere rentes in ruil voor binding aan een termijn van één tot drie jaar. Goed als je het geld zeker niet snel nodig hebt.
  • Goud is populair in tijden van onzekerheid, maar betaalt geen rente. Je profiteert alleen als de prijs stijgt, wat allesbehalve gegarandeerd is.

Er is geen beste keuze die voor iedereen geldt. Het hangt af van je tijdshorizon, je risicotolerantie en wat je met het geld wilt bereiken.

Hoeveel risico past bij jou?

Een veelgemaakte fout is het overplaatsen van al je spaargeld naar hogere-rendementsproducten. Een noodbuffer van drie tot zes maanden netto-inkomen hoort gewoon op een spaarrekening te staan. Dat geld moet direct beschikbaar zijn als je auto kapotgaat, je inkomen tijdelijk wegvalt of er een onverwachte grote rekening binnenkomt.

Geld dat je de komende twee à drie jaar waarschijnlijk nodig hebt, is evenmin geschikt voor aandelen. Aandelen kunnen tijdelijk flink in waarde dalen. Als je dan verkoopt omdat je het geld nodig hebt, realiseer je dat verlies. Geld met een horizon van vijf jaar of langer is een ander verhaal.

Vraag je voor elk bedrag dat je hebt: wanneer heb ik dit nodig? Het stellen van concrete beleggingsdoelen helpt je bepalen welk product bij welk bedrag past. Zonder die doelen is het lastig om goede keuzes te maken.

Wat je hier morgen al mee kunt

Beginnen hoeft niet met grote stappen. Het Nibud adviseert financiële doelen te koppelen aan een concreet bedrag en een datum. Wil je over tien jaar een verbouwing doen van €25.000? Dan weet je hoeveel je per maand opzij moet zetten en wat het potentiële rendement moet zijn. Vanuit die berekening wordt duidelijk of een spaarrekening volstaat of dat je hogere rendementen nodig hebt.

Zet om te beginnen je eigen situatie op papier: hoeveel staat er op de spaarrekening, wat is je noodbuffer, en hoeveel heb je over dat je de komende vijf jaar niet nodig hebt? Dat tweede getal is het bedrag waarover je mag nadenken. Niet eerder.

Meer weten over hoe beleggers hun strategie aanpassen in onzekere tijden? Lees ook waarom beleggers massaal uit VS-aandelen stappen en wat dat zegt over de huidige markt.

Spaargeld is nooit verkeerd. Maar er bewust mee omgaan maakt het verschil tussen geld dat stilstaat en geld dat werkt.

L
Geschreven door Lars Visser Financieel journalist & econometrist

Lars ontdekte op zijn zestiende dat sparen op een spaarrekening eigenlijk geld verliezen is door inflatie, en sindsdien is hij niet meer te stoppen. Hij studeerde econometrie in Tilburg en werkte als financieel adviseur voordat hij besloot dat eerlijke financiële voorlichting een breder publiek verdiende. Lars legt complexe financiële concepten uit alsof het keukentafelgesprekken zijn, zonder jargon en zonder neerbuigend te doen. Zijn vrienden bellen hem op feestjes voor hypotheekadvies, en hij vindt dat stiekem geweldig. Zijn persoonlijke beleggingsportefeuille is precies zo saai als hij iedereen aanraadt.